Afscheid hoort bij het leven

Hoe neem je afscheid als kind? En hoe neem je als ouder je kind mee in een rouwproces? In deze blog neem ik je mee in mijn persoonlijke verhaal – van het verlies van mijn opa toen ik zeven was tot het begeleiden van mijn eigen kinderen bij afscheid. Over hoe rouw verweven raakt met je leven, hoe geloof troost kan bieden, en waarom het belangrijk is om kinderen hierin serieus te nemen. Een blog vol herinneringen, inzichten en hoop.

Afscheid hoort bij het leven

Ik was net zeven jaar oud toen ik voor het eerst in aanraking kwam met de dood. Mijn opa overleed. Veel herinneringen aan die tijd zijn vervaagd, maar een paar dingen zijn me altijd helder bijgebleven. Mijn opa lag opgebaard in de speelkamer. We mochten daar vrij in- en uitlopen. Op een gegeven moment vroeg mijn broertje aan onze oma: ‘Slaapt opa?’ Haar antwoord ben ik nooit vergeten. Ze zei: ‘Nee,’ en legde ons heel rustig en liefdevol uit hoe je kon zien dat opa niet meer sliep.

‘Voel maar, hij is heel erg koud. Zijn borst gaat niet meer op en neer. Hij ademt niet. Daaraan zie je dat hij niet meer leeft.’ Ze keek ons geruststellend aan.

‘Opa leeft in de hemel. Hij mag al bij de Here Jezus wonen,’ vertelde ze. Wat een getuigenis gaf onze oma daar, terwijl wij als kinderen de volle betekenis nog niet konden bevatten. Mijn oma ging naar dezelfde kerk als wij. Tijdens de uitvaart zongen we twee liederen uit het liedboek. Ik weet nog dat ik erg moest huilen. Mijn oma sloeg haar arm om me heen en troostte me.

‘Je mag verdrietig zijn omdat je opa mist,’ zei ze. ‘Maar vergeet niet dat hij nu bij de Here Jezus is. Op een dag zullen we opa weer zien.’ Die woorden hebben diepe indruk op me gemaakt. Meer dan dertig jaar later hoor ik ze nog steeds in mijn hoofd. In de kerk zingen we nog vaak dezelfde liederen. Het liedboek met opa’s handschrift, dat ik net voor zijn overlijden van hem kreeg, ben ik blijven gebruiken. Elke keer als die liederen klinken, denk ik weer even aan hem en aan de woorden van mijn oma.

Het legde de basis voor mijn verder leven.

In 2013 overleed de oma van mijn man. Onze oudste dochter was toen 2,5 jaar, de jongste pas drie maanden. Ondanks het verdriet vonden we het belangrijk dat onze oudste erbij was. Dat leidde tot verbaasde reacties: ‘zo’n jong kind heeft er toch niks aan?’. Voor ons hoorde het erbij: afscheid nemen is onderdeel van het leven. Ze herkende haar oma, ook zonder stem of knuffels. Achteraf hoorden we hoe waardevol haar aanwezigheid werd gevonden: een klein eerbetoon aan oma, juist door haar achterkleinkinderen.

Vanaf dat moment volgden er jaren waarin afscheid vaker op ons pad kwam. Mijn eigen ziekte speelde daarin ook een grote rol. Kortgeleden overleed de opa van mijn man. Het bijzondere aan dit overlijden is dat hij overleed op dezelfde dag als zijn eigen zoon.

Bij een afscheid liep mijn jongste dochter onverwacht direct achter me aan. Normaal nemen mijn man of ik even de tijd om te kijken hoe iemand erbij ligt en aan welke kant je het beste kunt staan. Maar nu liep ze meteen mee, en schrok ze van wat ze zag. Ze raakte overstuur en wilde eigenlijk geen afscheid meer nemen. Toch is ze uiteindelijk gegaan, omdat afscheid nemen helpt in het rouwproces. Het zien van de overledene maakt het verlies tastbaar. Achteraf was ze opgelucht dat ze toch is gaan kijken. Zo kon ze op haar eigen manier beginnen met verwerken.

Door de jaren heen heb ik ervaren hoe belangrijk het is om op een manier afscheid te nemen die bij je past. Het zien van de overledene, hoe confronterend ook, helpt bij het besef dat iemand er echt niet meer is. Mijn man en ik probeerden onze dochters bewust mee te nemen in het proces, ook al was dat voor onszelf soms emotioneel zwaar. Net zoals we samen op kraambezoek gaan, hoort ook afscheid nemen bij het leven. Kinderen meenemen naar een uitvaart of condoleance kan intens zijn, maar met goede voorbereiding en een extra volwassene die hen eventueel kan opvangen, wordt het vaak juist waardevol. Hulp vragen mag en is hierin van grote betekenis.

Verdriet komt en gaat, dat is rouw. Soms denk je er dagen niet aan, soms overvalt het je ineens weer. Dit jaar merkte ik voor het eerst dat de maand mei, waarin bij mij elf jaar geleden borstkanker werd ontdekt, niet meer zo zwaar voelde. Daar ben ik dankbaar voor. Dankbaar dat ik er nog ben. Dankbaar dat ik werk mag doen dat dicht bij mijn hart ligt: anderen begeleiden in tijden van ziekte en rouw. Niet omdat ik alle antwoorden heb, maar omdat mijn eigen ervaringen mij woorden geven die kunnen troosten. Omdat ik een hand kan reiken op momenten dat je het zelf even niet meer weet. Juist dat, er mogen zijn voor een ander. Met hoofd en hart, is voor mij de kern van Hoop in Zicht.

Benieuwd naar wat ik voor jou of jullie kan betekenen?

Neem gerust contact met mij op om kennis te maken en te horen óf en waar ik bij kan helpen.

Christelijke rouwbegeleiding Sliedrecht, Christelijke rouwbegeleiding Dordrceht